Briedis betreurt voornemen KMI inzake beëindiging

Briedis Jeugdbeschermers betreurt het voornemen van het Keurmerkinstituut (KMI) om het certificaat voor Briedis in te trekken om actief te zijn in de Jeugdbescherming. Dit zou Briedis dwingen om binnen zes maanden alle lopende dossiers over te dragen aan andere gecertificeerde instellingen. Briedis vindt de opgelegde maatregel disproportioneel in relatie tot de geconstateerde tekortkomingen. “Briedis is opgericht door gedreven jeugdbeschermers die het anders wilden doen. Die behoefte aan vernieuwing wordt binnen en buiten de sector breed gedeeld. Wij onderkennen dat er het nodige verbeterd moet worden maar willen wel meer tijd en ruimte hebben om dat voor elkaar te krijgen”, zegt directeur-bestuurder Corina Schenk van Briedis. Daarom zal Briedis bezwaar aantekenen tegen het besluit en ook de mogelijkheden voor andere rechtsmiddelen onderzoeken.  

“Wij zijn in 2018 opgestart met een coöperatie van ambitieuze jeugdbeschermers die op een andere manier in de sector actief wilden zijn. Als jonge, kleine en innovatieve speler is het ons helaas niet gelukt om tijdig aan alle normen van het KMI te voldoen. Wij respecteren natuurlijk dat er voor jeugdbescherming strenge eisen gelden, ook om daarmee de kwaliteit en veiligheid te kunnen garanderen. Maar we hoopten dat het belang van vernieuwing binnen de jeugdbescherming zou worden beloond met iets meer geduld”, aldus Corina Schenk. “Het einde van Briedis zou ook voor de sector een slecht signaal zijn. Het oordeel van het KMI betekent dat de ruimte voor vernieuwing kennelijk zeer beperkt is. Dan krijgt de status quo altijd het laatste woord.”  

Het voornemen van het KMI om het certificaat in te trekken, volgt op een audit die begin 2021 plaatsvond. De toezichthouder constateerde dat Briedis op enkele punten nog niet aan de normen voldeed. Alhoewel de kritiek van het KMI voor Briedis niet volledig onverwacht kwam, was gehoopt dat zou worden gekozen voor een overbruggingsperiode om de kwaliteitsbeheersing alsnog op orde te krijgen. Het voorgenomen besluit van het KMI om een zogeheten ‘beëindigingscertificaat’ af te geven, sluit die weg af.  

Alhoewel Briedis van het KMI nu een tijdelijk certificaat heeft gekregen om te werken als jeugdbeschermingsorganisatie, zouden binnen zes maanden alle lopende dossiers moeten worden overgedragen aan andere gecertificeerde instellingen. Volgens Briedis zouden de consequenties daarvan voor de kinderen en gezinnen die momenteel worden ondersteund en de medewerkers van Briedis niet in verhouding staan tot de kritische kanttekeningen die het KMI plaatst.